

De Brabantse Milieufederatie houdt zich al 10 jaar bezig met het beoogde Kempisch Bedrijven-park, omdat volgens haar de noodzaak twijfelachtig is, het terrein van deze omvang m.e.r-plichtig en de locatie ten zuiden van Hapert verkeerd vanwege natuur en landschap.
De BMF en lokale natuur- en milieuorganisaties hebben er voortdurend op gewezen dat een kwalitatief goede uitbreiding van Meerheide het antwoord zou zijn op de vraag naar grootschalige bedrijfskavels.
In 2007 kwam de gemeente Eersel met uitbreidingsplannen voor Meerheide, echter naast de plannen voor het Kempisch Bedrijvenpark, terwijl beide terreinen bestemd zouden zijn voor grootschalige regionale bedrijven. Volgens de BMF zeker niet allebei nodig en dus verspilling van ruimte.
In 2007 speelde ook het tracéplan voor de omleiding van de N284 bij Hapert. Deze weg zou nodig zijn om het toekomstig Kempisch Bedrijvenpark te ontsluiten. De BMF en lokale groepen hadden beroep aangetekend tegen de beleidsbeslissing hierover en de Raad van State vernietigde deze beleidsbeslissing. Als reden gaf de RvS aan dat in het luchtkwaliteitsonderzoek geen verband was gelegd met het Kempisch Bedrijvenpark.
In 2008 werden de bezwaren behandeld van een groot aantal omwonenden, bedrijven, Milieuvereniging Bladel, Lucht voor Hapert en de Brabantse Milieufederatie tegen het Bestemmingsplan Kempisch Bedrijvenpark. De Raad van State vernietigde het goedkeuringsbesluit van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant en onthield goedkeuring aan verschillende planonderdelen. De natuur- en landschapswaarden van Hapert zijn voorlopig veiliggesteld. Veel bedrijven waarvoor het KBP is bedoeld hebben inmiddels een andere plek of oplossing gevonden. Volgens de BMF neemt de noodzaak voor het bedrijventerrein steeds verder af.