Opinie | Grondwater is niet onuitputtelijk!

juli 17, 2019

Opinie | Grondwater is niet onuitputtelijk!

Lekker toch zo’n lange warme zomer? Zwembaden worden gevuld, gazons en tuinen besproeid, de plantsoenendienst geeft de bomen en nieuwe aanplant extra water, visvijvers worden bijgevuld, we douchen het stof en zweet van ons lijf, frisdrank, bier en ijs bereiken record verkopen en in het buitengebied zien we grote waterkanonnen de gewassen op het land besproeien. Allemaal putten we schoon en goedkoop grondwater uit een schijnbaar onuitputtelijke bron. Maar schijn bedriegt.

Vorig jaar sloegen natuurorganisaties al alarm over de schade vanwege de droogte in veel natuurgebieden. Op de zandgronden vielen honderden kilometers beken droog, waardoor vissen massaal stierven. Vennen en poelen en natte gebieden als moerassen, broekbossen en weidevogelgebieden droogden op. Leefgebieden van kwetsbare plant- en diersoorten lopen hierdoor gevaar. Op veel plaatsen droogde de bodem uit en kropen bodemdieren zo diep weg, dat wulpen, dassen, hazelwormen, kievit en grutto niet meer aan wormen konden komen. Bloemrijke graslanden verdorden al begin juli waardoor de zomergeneratie insecten niet of nauwelijks aan nectar van bloemen kon komen. Ook 2019 is tot nu toe erg droog. Op de meeste plaatsen zijn de watertekorten van 2018 nog niet aangevuld en er is nu al weer sprake van neerslagtekorten en zeer lage grondwaterstanden.

Ontwatering zorgt voor verdroging

In een natuurlijke situatie zakt het grondwater en water in vennen, poelen, beekdalen en andere biotopen in een droge zomer natuurlijk ook, maar het kwam zelden tot volledige droogval. Er bleef altijd wel een beetje grondwater toestromen (kwelwater), waardoor de meeste beken nooit helemaal droogvielen en de natte natuur ook in droge jaren vochtig bleef.

Ontwatering en drainage verstoren deze natuurlijke situatie, wat ervoor zorgt dat natuurgebieden steeds meer verdrogen. Bovendien worden er grote hoeveelheden grondwater opgepompt voor industrie, landbouw en drinkwater, waardoor het grondwaterpeil onder de beken en natuurgebieden nog dieper wegzakt en ze in droge perioden eerder droogvallen. Klimaatverandering geeft tot overmaat van ramp bovendien vaker en langer droge perioden met een groot neerslagtekort.

Door klimaatverandering en een optimale agrarische ontwatering is het groeiseizoen twee maanden langer geworden. Boeren willen vroeg het land op met hun machines en daarvoor is het nodig dat de grondwaterstand tot bijna één meter onder het maaiveld wordt verlaagd. De periode waarin het grondwater echt goed aangevuld kan worden is in het agrarisch gebied ingekort tot enkele wintermaanden. Eind van de winter worden de waterpeilen verlaagd. Pas in april, na het mest rijden en zaaien mogen de stuwtjes weer omhoog om water vast te houden. In een droger en opwarmend klimaat is het elk jaar weer spannend of er genoeg regen valt om het grondwater weer aan te vullen. Gebeurt dat niet dan kan de boer beregenen, voor de natuur is de strijd om water dan al grotendeels verloren!

Het grondwater moet beter en duurzamer verdeeld worden!

Om kwetsbare natuur te beschermen moet deze van voldoende water worden voorzien. Natuur moet het water dat daar valt kunnen vasthouden. Als het waterpeil in de directe omgeving te laag is, wat bijna altijd het geval is door de vele sloten en waterlopen voor de afwatering van de landbouwgebieden, kan dat niet: het water lekt weg, de natuur verdroogt.

Natuurorganisaties pleiten voor het veel beter vasthouden van water en vermindering van gebruik van grondwater. Wij pleiten voor het instellen van bufferzones rondom natuurgebieden waar water beschermd wordt en het waterpeil hoog genoeg is om verdroging van natuurgebieden te voorkomen. Bij dreigende droogval moeten noodmaatregelen beschikbaar zijn, zoals de mogelijkheid op een verbod voor beregening.

Het belang van deze verandering naar een duurzamer watersysteem en waterbenutting is voor alle sectoren heel groot, niet alleen voor natuur. Het waterbeheer moet veranderen van snel afvoeren van water naar veel langer water en grondwater vasthouden. Natuurgebieden kunnen daarin een grote rol spelen als sponzen die het water langer vasthouden. Daarvoor is het wel nodig dat het grondwater in de bufferzones voldoende hoog blijft om te voorkomen dat het water weer snel onder de beken en natuurgebieden weggetrokken wordt. Hiermee kan de landbouw beter droogteperiodes overbruggen en bestaat er minder risico op verzakking van bebouwing en infrastructuur. Dit is te realiseren door; waterbesparing, wateropslag in natte tijden, meer gebruik maken van oppervlaktewater, grondwatergebruik reserveren voor hoogwaardige toepassingen en een uitgekiend agrarisch watergebruik. Daarbij hoort naar onze mening ook een veel strikter en consequenter beregeningsbeleid, afgestemd op de draagkracht van de nabijgelegen natuurgebieden. Waarbij droogval van beken ten alle tijden moet worden voorkomen. Het is voor ons onbegrijpelijk dat de waterschappen nu zelfs extra beregening overdag toestaan. De provincie en de waterschappen zullen samen paal en perk moeten stellen aan een ongebreideld grondwatergebruik.

Grondwater is immers uitputtelijk!

Peter Voorn, ecoloog Natuurmonumenten, en Corine Geujen, Hydroloog Natuurmonumenten, mede namens Brabants Landschap en de Brabantse Milieufederatie

Dit opiniestuk verscheen eerder in het Brabants Dagblad.

Tags:

Neem contact op

Profiel Misha Mouwen

Misha Mouwen

Water / Adjunct-directeur