Sinds 1972: “Wij zijn geen club van hakken en schoppen”

Nieuws | Thema: Algemeen

december 18, 2019

Brabantse Milieufederatie strijdbaar sinds 1972

“Wij zijn geen club van hakken en schoppen”

Door: Mayke Westerink

De Brabantse Milieufederatie bestaat bijna vijftig jaar. In deze periode is er heel wat gebeurd in Nederland, ook op het gebied van natuur en milieu in Brabant. Maar dat wil niet zeggen dat het doel van de BMF is veranderd.

Het begin van de jaren zeventig zat vol optimisme en idealisme. De mensen waren hoopvol en strijdlustig. Ze gingen de straat op, demonstreren voor vrouwenrechten, tegen de wereldwijde dictaturen. Ook milieu werd een groot maatschappelijk probleem.

Verzuring, het Rapport van de Club van Rome in 1972, de oliecrisis in 1973, gelekte olievaten in de Noordzee en Noordpool. Het milieu kwam steeds vaker in het nieuws. De welvaart nam toe en de Nederland kende een enorme economische groei, maar wel ten koste van natuur en milieu. Een grote groep Brabanders wilde daar iets aan doen.

Sinds 1972

Om de natuur te beschermen, werden er eind jaren zestig en begin jaren zeventig veel natuur- en milieuorganisaties opgericht. De Brabantse Milieufederatie werd opgericht om een aantal van deze organisaties te overkoepelen. De BMF moest als een soort milieubewakingsdienst dienen: een samenwerking van meer dan dertig particuliere milieuorganisaties. Deze samenwerking kwam officieel tot stand in 1972.

In een van de oprichtingsstukken staat het volgende: “De BMF vervult in de provincie een centrale functie op het terrein van de milieuzorg in de breedste zin van het woord. Als particuliere instelling coördineert de BMF meer dan 110 provinciale-, regionale- en plaatselijke vrijwilligersgroepen die werkzaam zijn op dit terrein.

Voor deze groepen functioneert de BMF als belangrijkste punt voor steun en informatie op verschillende terreinen; een servicefunctie die de BMF als enige instelling in Noord-Brabant vervult. Daarnaast probeert de BMF het beleid van de diverse overheden en andere instanties in Noord-Brabant in een milieugunstige zin te beïnvloeden. Bij dit werk vormt het milieubelang steeds het uitgangspunt. Als overkoepelende organisatie is de BMF een centraal punt voor overleg en informatie voor het openbaar bestuur, bedrijfsleven, wetenschap, onderwijs, pers en dergelijke.”

Vanaf het begin van de oprichting vond de BMF het belangrijk om met de overheid te praten. “Wij zijn geen club van hakken en schoppen”, vertelt toenmalig directeur Paul van Poppel tegen het Eindhovens Dagblad in 1987. “Samen met de overheid rond de tafel zitten helpt beter dan tegen die overheid schoppen.”

Succes door de BMF

Er was gelijk genoeg te bewerkstellingen voor de milieufederatie. Hoewel de BMF de eerste jaren vooral nodig had om een vaste positie in Brabant te krijgen, met name voor de provincie, werd er al veel gewerkt aan onderwerpen als ruiverkavelingen en de wegenproblematiek. Daar boekte de BMF direct goede resultaten mee. Door acties van de milieubeweging zijn er meerdere wegen tegengehouden. Ook streed de milieufederatie vanaf het begin tegen onderwerpen als bomenkap en uitbreiding van vliegveld Welschap (nu Eindhoven Airport) bij Eindhoven. Dit zijn onderwerpen waar de BMF zich nog steeds voor inzet.

Terwijl in de beginperiode van de BMF alles draaide om natuur en landschap is in de loop van de jaren de focus verbreed naar thema’s als verzuring en vermesting. De effecten die de ontwikkelingen in de landbouw hebben op de bodem en het grondwater, hebben op hun beurt weer effecten op natuur en landschap. Alles is uiteindelijk met elkaar verweven.

Ondanks de grote inspanningen van de BMF zijn milieuproblemen in Brabant alsmaar groter geworden. De verzuring, de cadmiumverontreiniging en de gif vondsten hebben de federatie in de afgelopen decennia handenvol werk bezorgd. De veestapel in Brabant bleef groeien, daarmee groeiden ook de vervuiling en het mestoverschot. In de jaren tachtig verschenen er al veel artikelen over deze problemen.


“Zonder ons zou het met het Brabants milieu nog slechter zijn geweest”, zegt  Van Poppel in 1987. “We hebben de grootste uitwassen bestreden. De ruilverkavelingen verlopen nu een stuk milieuvriendelijker. Er is geen weg door het Dommeldal aangelegd, de Strabrechtse Heide is intact gebleven en onze protesten tegen de weg Waalwijk-Loon op Zand en de plannen voor de weg Oss-Eindhoven liegen er niet om. Ook aan de oplossing van de cadmiumverontreiniging van de Kempen en het mestprobleem hebben we een goede bijdrage geleverd.”

De strijdvaardigheid die de BMF in het begin had, is nooit verloren gegaan. Directeur Femke Dingemans: “Wij voeren nog steeds procedures, blijven overheden erop wijzen dat ze de eigen regels nakomen, staan op tegen ongewenste ontwikkelingen. Maar we willen ook in gesprek blijven, aan zoveel mogelijk bestuurstafels zitten, om dingen gedaan te krijgen.”

Er is vandaag de dag meer aandacht dan ooit voor het klimaat en de milieuproblematiek. En dat is ook nodig, want er is nog een hoop te behalen in Brabant. De BMF blijft zich inzetten voor deze problemen, door samen te werken aan oplossingen laten we zien hoe het anders kan. Daarmee creëren we draagvlak voor duurzame alternatieven.

Tags:
BMF

Neem contact op